Gods vergeving en onze houding


I Vergeven is niet altijd vergeten
Paulus’ voorbeeld.
- Paulus herinnerde zich zijn zonden, hij was ze niet vergeten (Hand 22:4)
- hij was een vervolger van de gemeente (1 Kor 15:9)
- hij was een godslasteraar, een vervolger en een geweldenaar (1 Tim 1:12-13)
- hij herinnerde anderen aan hun zonden (1 Kor 6:9-11; 9:23-27))
Vergeven worden door God maakt dat je gedachten uitgaan naar je redding ipv je vergeven schuld
Het helpt ons om vooruit te gaan, hoewel soms de pijn er nog kan zijn.

Want Ik zal genadig zijn over hun ongerechtigheden, en hun zonden zal Ik niet meer gedenken” Hebr 8:12.

II Hoe God tegenover vergeving staat

Vergeving:            1) vrijlating uit slavernij of gevangenschap
2) vergeving, van zonden (alsof die nooit begaan waren), kwijtschelding van de straf

Zoekt de Here, terwijl Hij Zich laat vinden; roept Hem aan, terwijl Hij nabij is. De goddeloze verlate zijn weg en de ongerechtige man zijn gedachten en hij bekere zich tot de Here, dan zal Hij Zich over hem ontfermen; en tot onze God, want Hij vergeeft veelvuldig” Jes 55:6-7.
Twee gedachten moeten ons duidelijk zijn:
- vergeving van God geschiedt omdat God in Zijn wezen heeft besloten om vergeving te schenken, daar kunnen wij niets aan veranderen. We worden door genade behouden (Ef 2:8).
- de mensen kan pas deel krijgen aan die genade wanneer hij aan Gods voorwaarden voldoet om vergeving te ontvangen.

Vgl Psalm 103:7-18.
Aan wie betoont de Here Zijn goedertierenheid? (vs 11)
Over wie ontfermt de Here Zich? (vs 13)
Voor wie is Gods goedertierenheid voor eeuwig? (vs 17)
Juist, voor wie Hem vrezen, voor hen “die zijn verbond onderhouden, en aan zijn bevelen denken om die te doen” Psalm 103:18.

De mens valt God lastig met zijn zonden, doet Hem erdoor moeiten aan (Jes 43:24-25)
Neen, gij zijt Mij lastig gevallen met uw zonden, hebt Mij moeite aangedaan met uw ongerechtigheden. Ik, Ik ben het, die uw overtredingen uitdelg om Mijnentwil en Ik gedenk uw zonden niet”.

Gods vergeving is conditioneel:
OT
- “Want Gij, o Here, zijt goed en gaarne vergevend, rijk in goedertierenheid voor allen die U aanroepen. O Here, neem mijn gebed ter ore, sla acht op mijn luide smekingen” Psalm 86:5-6.
- “Misschien zal het huis van Juda luisteren naar al de rampspoed die Ik hun denk aan te doen, opdat zij zich bekeren, een ieder van zijn boze weg, en Ik hun ongerechtigheid en zonde vergeve” Jer 36:3.
NT
- “dat in zijn naam moest gepredikt worden bekering tot vergeving der zonden aan alle volken, te beginnen bij Jeruzalem” Luk 24:47.
- “Bekeert u en een ieder van u late zich dopen op de naam van Jezus Christus, tot vergeving van uw zonden, en gij zult de gave des Heiligen
Geestes ontvangen” Hand 2:38.

III God verwacht perfectie

Weest heilig, want Ik ben heilig” 1 Petr 1:16. Vgl Hebr 12:14
Gij dan zult volmaakt zijn, gelijk uw hemelse Vader volmaakt is” Matt 5:48.

God zegt niet:
- probeer niet meer te stelen, nee Hij zegt “Wie een dief was, stele niet meer” Ef 4:28.
- probeer niet meer te zondigen, nee hij zegt “zondig niet meer” Joh 5:14.

Mensen hebben de neiging om Gods standaard te verlagen.
- als ik één samenkomst mis, dan zal dat wel niet zo erg zijn. Ik kom toch elke week (Hebr 10:25). Ja maar God, het is een familiefeest, het is dit of dat … .
- God, ik spreek altijd de waarheid, dit ene kleine leugentje (Tit 1:2) zal wel geen kwaad kunnen .
Door Gods genade was Paulus geworden wat hij was (1 Kor 15:9-10)
Dit was wat Gods genade in Hem bewerkte - Rom 6:17-23!
vb berg: baby -  tiener - volwassen man
Het is daarom dat Paulus de Korintiers waarschuwde (2 Kor 12:19-21)

De hond die terugkeert naar zijn eigen braaksel
Want indien zij, aan de bezoedelingen der wereld ontvloden door de erkentenis van de Here en Heiland Jezus Christus, toch weer erin verstrikt raken en erdoor overmeesterd worden, dan is hun laatste toestand erger dan de eerste. Het zou immers beter voor hen geweest zijn, geen kennis verkregen te hebben van de weg der gerechtigheid, dan met die kennis zich af te keren van het heilige gebod dat hun overgeleverd is. Hun is overkomen, wat een waar spreekwoord zegt: Een hond, die teruggekeerd is naar zijn uitbraaksel, of: een gewassen zeug naar de modderpoel” 2 Petr 2:20-22.

We moeten God altijd navolgen, enkel Zijn Wil is onze wil.
Het is onmogelijk voor hem die God liefheeft om te zeggen, vandaag doe ik wat ik wil.
Het bloed van Christus is ons niet gegeven zodat wij blijven volharden en wandelen in de zonde (Gal 5:17).

IV Conclusie

1 Petr 4:1-3.



Vorige