Weest toornig, maar zondigt niet


Een man klopt op zijn vinger en begint het met allerlei gevloek en getier uit te schreeuwen. Zijn vrouw en kinderen moeten het ook ontgelden en delen mee in tirade. Wanneer plots zijn vriend langskomt beheerst hij zich plots en doet hij vriendelijk.

Een onderhouds man staat op zijn werk gekend als een lastige pot die altijd boos is. Zijn collega’s hebben schrik om hem te bellen omdat hij telkens wanneer hij gebeld wordt uit zijn krammen schiet.

Wanneer je naar een psychiater gaat omdat je woedde uitbarstingen hebt, zal deze je zeggen: “laat je gaan, geef uiting aan je woedde”.

Denk aan iemand die ontploft tegenover omdat hij boos wordt door iemands anders gedrag.
Denk aan iemand die ontploft en een onschuldige omstaander aanvalt.
Denk aan iemand die een diepe woedde koestert tegenover iemand.

Hoe zit het met de christen? Mag een christen toornig zijn? Sommigen hebben een beeld dat een christen een grote lieve teddybeer moet zijn die je altijd lekker kan knuffelen omdat hij altijd lief is. Anderen hebben een beeld dat een christen een harde, gevoelloze lastige pot moet zijn die alles en iedereen moet afbreken. Laten we eens kijken wat de bijbel ons leert.

I Wat is toorn/boosheid?

Ongunstig gestemd zijn over iets tegenover iemand.
Psalm 4:5 leert ons “Weest toornig, maar zondigt niet”.
Paulus zei: “mijn spreken en mijn prediking kwam ook niet met meeslepende woorden van wijsheid, maar met betoon van geest en kracht” 1 Kor 2:4.

II Is toorn/haat een zonde?
“Mozes nu was een zeer zachtmoedig man, meer dan enig mens op de aardbodem” Num 12:3

a) Mozes en Farao
- Nadat Mozes tegen Farao het Woord Gods gesproken had (Ex 11:4-8), “ging hij in brandende toorn van Farao heen” Ex 11:8.
Waarom was Mozes vertoornd op Farao?
- Mozes was op dat moment 80 jaar oud (Ex 7:7)
- Bij het horen van Gods Woord verhardde het hart van Farao zich en hij luisterde niet naar Mozes en Aδron (Ex 7:13)
- Het hart van de Farao was onvermurwbaar (di moeilijk, hard, lastig) (Ex 7:14)
- Farao liet zich verleiden door de toverkunsten van de Egyptische geleerden en nam de woorden Gods niet ter harte (Ex 7:13-14)
- Farao zei om te luisteren zolang er druk was, maar eens er verlichting was gekomen luisterde hij niet (Ex 8:8,15)
- God had de Farao en zijn volk al lang van de aarde kunen hebben weggeveegd, maar was geduldig (Ex 9:15-17)
- Tijdens de plaag van de hagel zei Farao dat hij inkeer was gekomen en en dat hij gezondigd had (Ex 9:27), maar hij vreesde nog niet voor de Here (Ex 9:34)
- Farao’s probleem was dat hij zich niet voor God wilde verootmoedigen (di buigen, vernederen) (Ex 10:3)
b) Mozes en Israel (Ex 32-19-24)
c) Mozes tegen Korach, Datan en Abiram (Num 16:3; 15-21)

Mozes ging in de fout (Psalm 106:32-33; vgl Num 20:2-13).

III Boosheid wordt een zonde wanneer het ons wegleidt van Gods Wil.

Jezus was rechtvaardig toornig – “En nadat Hij hen, zeer bedroefd over de verharding van hun hart, rondom Zich met toorn had aangezien, zeide Hij tot de mens: Strek uw hand uit! En hij strekte haar uit en zijn hand werd weder gezond” Mark 3:5; vgl Joh 2:13-17
Jezus had een grote innerlijke liefde voor Zijn Vader en hij verdedigde Gods eer met grote ijver – Jezus was rechtvaardig toornig.

God toornt elke dag wanneer mensen volharden in hun zonden “God is een rechtvaardig Rechter en een God, die te allen dage toornt. Bekeert iemand zich niet, dan wet Hij zijn zwaard, spant zijn boog en legt aan” Psalm 7:11.
Niet iedereen die boos is zondigt. Sommige boosheid is gerechtvaardigd, een christen moet de zonde haten, maar moet zijn antwoord op zonde onder controle houden.

IV Boosheid is een sterke emotie die onder Gods gezag moet komen.

“Wie spoedig toornig is, begaat dwaasheid, … wie kortaangebonden is, hoopt dwaasheid op” Spr 14:17a,29b
“De dwaas laat zijn ganse toorn de vrije loop, maar de wijze houdt die in en doet hem bedaren … Een opvliegend man verwekt twist en de driftkop begaat vele misdaden” Spr 29:11,22
Boosheid kan ervoor zorgen dat iemand de controle verliest over zijn handelen. De wijze man daarentegen zal zichzelf bedwingen ook al is hij boos.

We moeten leren om onze emoties te controleren, omdat het koesteren van zondige gedachten leidt tot zondige handelingen.

“Geraakt gij in toorn, zondigt dan niet: de zon mag niet over een opwelling van uw toorn ondergaan” Ef 4:26.
We mogen boosheid niet laten groeien in ons hart, want dit kan resulteren in “bitterheid, gramschap, toorn, getier en gevloek … kwaadaardigheid” Ef 4:31.


V Conclusie

“Weet dit wel, mijn geliefde broeders: ieder mens moet snel zijn om te horen, langzaam om te spreken, langzaam tot toorn; want de toorn van een man brengt geen gerechtigheid voor God voort” Jac 1:19-20.
Spr 15:1,28.




Vorige