Jezus
volgen als de weg betekent om Zijn Voorbeeld en leer te volgen. Hij zei
"Als gij in mijn woord blijft, zijt gij
waarlijk discipelen van Mij"
Johannes 8:31. Jezus berispte de mensen van Zijn tijd die beweerden Hem te
aanvaarden als Here, maar Zijn leer negeerden met de woorden "Wat
noemt gij Mij Here, Here, en doet niet wat Ik zeg?"
Lukas 6:46.
De bijbel is de enige betrouwbare bron van informatie over Jezus.
Filmmakers en schrijvers van romans nemen een grote vrijheid wanneer ze het
hebben over de verhalen van Jezus. Veel ouders en andere bekenden die over
Jezus praten hebben zelf nooit de bijbel ernstig bestudeerd. Je ziet ook
vaak dat predikers en leraren die de bijbel al jaren hebben bestudeerd, veel
eigen meningen en filosofiën gaan toevoegen zodat we nauwelijks
kunnen weten wat uit de bijbel komt en wat niet. Het feit dat ze elkaar zo
sterk tegenspreken laat zien dat velen het mis hebben. Daarom is het dan ook
noodzakelijk dat elkeen van ons zijn eigen studie doet van de originele bron
van waarheid over Jezus.
Jezus
in het oude testament
De bijbel is onderverdeeld in 2 grote delen: het Oude Testament en het
Nieuwe Testament. De geschriften van het Oude Testament waren ongeveer
400 jaren voor Jezus werd geboren voltallig, toch staan er veel dingen over
Hem in geschreven.
Het Oude Testament geeft ons een blik van Jezus voordat Hij als mens
werd geboren. Wanneer God op het punt stond om de mens te maken, zei Hij
tegen een ander Goddelijk iemand: "Laat
Ons mensen maken naar ons beeld"
Genesis 1:26. Het Nieuwe Testament identificeert deze andere als 'het
Woord'. "In den beginne was het Woord en
het Woord was bij God en het Woord was God. Dit was in den beginne bij God.
Alle dingen zijn door het Woord geworden en zonder dit is geen ding
geworden, dat geworden is"
Johannes 1:1-3.
Het Oude Testament voorspelt Zijn geboorte uit een maagd. "Daarom
zal de Here zelf u een teken geven: Zie, de jonkvrouw zal zwanger worden en
een zoon baren; en zij zal hem de naam Immanuel geven"
Jes 7:14. De naam 'Immanuel' betekent 'God met ons' (Matteus
1:23). Het Oude Testament voorspelt in Micha 5:1 zelfs de plaats waar Hij
geboren zou worden.
Jezus
in de evangeliën
Het Nieuwe Testament geeft de vervulling van de oudtestamentische
profetiën weer. Johannes getuigt "Het
Woord is vlees geworden en het heeft onder ons gewoond en wij hebben zijn
heerlijkheid aanschouwd, een heerlijkheid als van de eniggeborene des
Vaders, vol van genade en waarheid"
Johannes 1:14. Vier schrijvers vertellen ons over Jezus' leven. Deze
geschriften worden in het algemeen de 'Evangeliën' genoemd, een
woord dat 'goed nieuws' betekent. Elk van de schrijvers leggen de
nadruk op een ander aspect van Jezus.
Matteus benadrukt Zijn leer, in het bijzonder het 'Koninkrijk der
hemelen'.
Markus geeft de wonderen van Jezus weer, en laat dus Zijn kracht
zien.
Lukas lijkt de nadruk te leggen op het volmaakte mens-zijn van
Jezus zonder af te doen aan Zijn Goddelijkheid.
Johannes lijkt de nadruk te leggen op de het volmaakte God-zijn
van Jezus zonder af te doen aan Zijn menselijkheid.
Hoewel verschillend, geven de evangeliën een perfecte harmonieuze
beschrijving van de grootste persoon uit de geschiedenis.
Niemand kan -Jezus de weg- kennen als hij niet zorgvuldig deze
geschriften heeft gelezen. Door ze te lezen kunnen we wel eens verbaasd zijn
hoeveel de echte Jezus verschilt met de denkbeeldige Jezus die in onze
gedachten is ontstaan door de verkeerde informatie die we zo vaak onder de
mensen hebben gehoord.
Jezus
in Handelingen en de brieven
De evangeliën bevatten niet alle leringen van Jezus. Ze vermelden alleen de
leringen die Hij bracht toen Hij op aarde was. Dit was gelimiteerd tot was
Zijn discipelen konden begrijpen in de korte tijd dat Hij met hen was.
Voordat Hij hen verliet, sprak Hij hen over de wijze waardoor Hij
voortdurend met hen zou blijven praten: "Nog
veel heb Ik u te zeggen, maar gij kunt het thans niet dragen; Doch wanneer
Hij komt, de Geest der waarheid, zal Hij u de weg wijzen tot de volle
waarheid; want Hij zal niet uit Zichzelf spreken, maar al wat Hij hoort, zal
Hij spreken en de toekomst zal Hij u verkondigen. Hij zal Mij verheerlijken,
want Hij zal het uit het mijne nemen en het u verkondigen"
Johannes 16:12-14.
De Heilige Geest kwam enkele dagen nadat Jezus was teruggekeerd naar de
hemel over hen. "En zij werden allen
vervuld met de heilige Geest en begonnen met andere tongen te spreken, zoals
de Geest het hun gaf uit te spreken"
Handelingen 2:4.
Dit betekent dat de prediking en de geschriften van de geïnspireerde
apostelen, die we in de rest van het Nieuwe Testament kunnen vinden, ook de
leringen van Jezus zijn zoals we deze kunnen terugvinden in de evangeliën.
De apostel Paulus schreef: "Indien iemand
meent een profeet of geestelijk mens te zijn, laat hij dan wel weten, dat
hetgeen ik u schrijf, een gebod des Heren is"
1 Korintiërs 14:37.
Geen
andere openbaringen
De openbaring van Jezus en Zijn leringen in het Nieuwe Testament is
volledig. De schrijvers waarschuwden: "Maar
ook al zouden wij, of een engel uit de hemel, u een evangelie verkondigen,
afwijkend van hetgeen wij u verkondigd hebben, die zij vervloekt!"
Galaten 1:8. De schrijver van het laatste boek van het Nieuwe Testament
geeft de waarschuwing: "Ik betuig aan een
ieder, die de woorden der profetie van dit boek hoort: Indien iemand hieraan
toevoegt, God zal hem toevoegen de plagen, die in dit boek geschreven zijn"
Openbaring 22:18.
Het
Oude of het Nieuwe Testament?
Hoewel vele dingen in het Oude Testament over Jezus worden voorspeld en het
een schaduw was van hetgeen komen zou, zien we dat in het Nieuwe Testament
God tot ons spreekt door Jezus. "Nadat God
eertijds vele malen en op vele wijzen tot de vaderen gesproken had in de
profeten, heeft Hij nu in het laatst der dagen tot ons gesproken in de Zoon,
Die Hij gesteld heeft tot erfgenaam van alle dingen, door wie Hij ook de
wereld geschapen heeft"
Hebreën 1:1-2. Dit betekent dat we niet meer terug moeten gaan naar het
Oude Testament om te leren hoe we Jezus moeten volgen als de weg. De wet is
gegeven om mensen tot Jezus te brengen. "De
wet is dus een tuchtmeester voor ons geweest tot Christus, opdat wij uit
geloof gerechtvaardigd zouden worden. Nu echter het geloof gekomen is, zijn
wij niet meer onder de tuchtmeester"
Galaten 3:24-25.
Vragen
Vorige