LES 7: GODS WEG VOOR HET EEUWIGE LEVEN

Titus 3:5 - "Heeft Hij, niet om werken van de gerechtigheid, die wij zouden gedaan hebben, doch naar Zijn ontferming ons gered door het bad van de wedergeboorte en van de vernieuwing door de Heilige Geest."



Op het einde van deze les vindt u enkele vragen.  Gelieve deze te beantwoorden en de oplossingen naar dit (peter@gemeentevanchristus.be) emailadres terug te sturen, waar uw antwoorden zullen worden nagezien.  Dit zal snel gebeuren.  Indien het antwoord niet juist is zal dit worden aangetoond en het juiste antwoord zal tot uw attentie gegeven worden.  Wij hopen van harte dat deze bijbelstudie u zal bevallen. 

Het is ons verlangen Gods mening te ontdekken in alle geloofsaangelegenheden.  Het moet ons verlangen zijn Hem alleen welgevallig te zijn.  Dit moet vooral tot uiting komen als het er om gaat Gods weg ten eeuwigen leven te ontdekken.  Er zijn veel leerstelingen over dit onderwerp vandaag de dag.  Sommige daarvan zijn erg ingewikkeld en andere zou men best kunnen omschrijven als : KANT EN KLARE WEG TOT REDDING.  Er was nooit een plan zo ingewikkeld dat men het niet kon verstaan en gehoorzamen.  Daar tegenover was er ook nooit iets dat men KANT EN KLARE REDDING (zoals "geloof alleen") kan noemen.  Wij moeten ons inspannen om in plaats van God in ons plan te doen passen, onszelf in Zijn plan te doen passen.  Dan kunnen wij er zeker van zijn dat wij Hem welgevallig zijn.  God is het die de verlossing geeft, het is Zijn hemel, Christus is Zijn Zoon; hoe kunnen wij dan beweren dat God ons op onze eigen voorwaarden zal aanvaarden.  De enige manier om voor eeuwig met God te zijn is door Zijn plan te volgen.

I. DE RECHTMATIGE RECHTER

Wij horen steeds opnieuw zeggen : "Ik kan niet aannemen dat een barmhartige en liefdevolle God iemand zal verwerpen, als hij eerlijk en oprecht is."  Deze verklaring is gebaseerd op een verkeerd begrijpen van Gods eigen wezen. God heeft ons de maatstaf waarop Hij oordelen zal bekend gemaakt.  God zal dan uiteraard ook niet nalaten te doen wat Hij zei te zullen doen.

A. CHRISTUS' WOORDEN
Johannes 5:24
Christus' woorden maken ons de God van de hemel bekend.  Deze woorden zijn het die ons de enige oordeelsmaatstaf geven die betrouwbaar genoeg is om ook nu gevolgd te worden.  Het is redelijk dat als wij doen wat Hij vraagt, wij Gode welgevallig zullen zijn.

B. OVERDRACHT VAN HET WOORD
Johannes 17:20
Dit is Christus' gebed voor hen die in Hem geloven door de woorden van de apostelen.
Johannes 13:20
Hier legt Christus de nadruk op het luisteren naar het onderricht van de apostelen.  Zij zijn het die getrained werden om Christus' woorden aan de wereld over te brengen.  Het eindresultaat van hun training was het Nieuwe Testament.  Dit houdt alles van het Nieuwe Testament in.

C. HET VEROORDELENDE WOORD
Johannes 12:48
Uiteindelijk is het enkel Christus' woord of het Nieuwe Testament dat onze rechter zal zijn ten jongten dage.  De Heilige Geest hielp deze mannen alles herinneren wat Hij had gezegd, zodat wij een betrouwbare standaard zouden hebben, gebaseerd op het getuigenis van even betrouwbare getuigen.  Wij zullen niet geoordeeld worden op grond van menselijke theologies, opinies, regels, tradities en religies.  Wij zullen niet geoordeeld worden op basis van ons eigen plan, maar alleen door Gods geopenbaard woord, door Christus, door de apostelen, door het Nieuwe Testament tot ons gekomen.

II. DEFINITIE VAN ZONDE

Heel wat mensen verstaan niet wat de zonde eigenlijk is.  De Bijbel is de enige plaats die er ons het juiste antwoord op geeft en er de gevolgen van aantoont.

A. SCHEIDING VAN GOD
Jesaja 59:1-2
Door de zonde worden wij van God gescheiden.  Dit is geestelijke dood.  Geen enkele soort zonde kan God door de vingers zien.  De mens zelf is de oorzaak van deze afzondering.  Deze passage zegt : "UW ONGERECHTIG-HEDEN" en "UW ZONDEN" zijn de oorzaak van deze scheiding.  Dit is persoonlijke verantwoordelijkheid voor zijn zonden.

B. GEEN ERFZONDE
Ezechiël 18:19-20
Velen denken dat zij in zonden geboren zijn en dat zij deze zondeschuld van Adam erfden toen deze uit de hof werd gezet.  Deze leer is zeer oud en heeft heel wat verwarring in onze hedendaagse wereld veroorzaakt.  Het feit is dat wij niet verantwoordelijk zijn voor Adams zondeschuld.
Romeinen 5:12-14
Adams zonde bracht de dood voort en dat is het resultaat van alle zonde.  De DOOD is het die regeerde van Adam tot Christus.  Wij zijn allen gelijk Adam, daar wij allen zondigen.  Maar het gevolg is de DOOD, wij erfden echter noch de zonde, noch de schuld.  Adams natuur werd overgeleverd.  In Zijn geboorte nam Christus dezelfde natuur aan.  Hij erfde van Zijn vader Adam zonde niet, omdat Christus zonder zonde was.  Moest de zonde erfelijk geweest zijn, dan zou Hij dat bij Zijn geboorte geërfd hebben.  Zijn lichaam was menselijk, daarom werd het ook aan de verleiding onderworpen en moest het sterven.
Filippenzen 2:8
Christus moest sterven.  Hij erfde van Adam, net als wij allen ... een STERFELIJK LICHAAM.  Wij zijn slechts voor ons zelf schuldig en als wij verloren gaan is het onze eigen schuld.  Niet deze van onze voorvaders of ouders.
ZONDE IS ENKEL EEN PERSOONLIJKE VERANTWOORDELIJKHEID!!!

C. WETSOVERTREDING
1 Johannes 3:4
De zonde is het OVERTREDEN VAN GODS WETTEN.  Wij bespraken reeds het feit dat Christus ons een wet heeft nagelaten en dat wij verondersteld worden deze wet door geloof te onderhouden.  Als wij één van deze Nieuwe Testamentische wetten overtreden, zondigen we.  Christus' wetten overtreden heeft eeuwige gevolgen.

D. NALATEN GOED TE DOEN
Jakobus 4:17
Als wij weten wat we moeten doen om Gode welgevallig te zijn, en het dan niet doen, is het ZONDE.  U bent verantwoordelijk te leven naar de Nieuwe Testamentische normen.  Te doen wat goed en juist is, is een basis-vereiste voor Christenen.

E. GEBREK AAN GELOOF
Romeinen 14:23
Ons leven moet vol van geloof zijn.  Alles wat wij doen moet uitgaan van een gelovige basis.  Als er enkele vernietigende twijfels in ons leven zijn, worden ze tot ZONDE.  Deze twijfels houden op met ons te plagen, als wij Christus gehoorzamen.  Door Christus kunnen wij het leven in vertrouwen en vrede tegemoet zien.

F. VERONACHTZAMEN VAN HET HEIL
Hebreeën 2:1-4
Elke slechte daad ontvangt een rechtvaardige vergelding.  Door Christus heeft God een groot heil (redding) bereid.  Het veronachtzamen of verwerpen en er niet aan gehoorzamen is ZONDE.  Als we vergiffenis willen ontvangen, genade, liefde, redding, en geestelijke zegeningen; moeten wij beginnen Gods wet ten eeuwigen leven gehoorzaam te volgen.  De apostelen getuigden van deze redding in hun geïnspireerd schrijven van het Nieuwe Testament.

G. ER IS NIEMAND ZONDER ZONDE
        1. NIEMAND IS RECHTVAARDIG
Romeinen 3:23
Dit is voor alle toerekenbare personen.  Zij die niet geestelijk bekwaam zijn of onontwikkeld (als kinderen) passen niet in deze categorie.  God en niet de mensen, is de standaard van zondeloosheid.  Wij komen daarvoor helemaal niet in aanmerking.
        2. DE OORSPRONG EN HET RESULTAAT VAN DE ZONDE
Jakobus 1:14-15
De zonde komt van binnenin onszelf.  Het is het verlangen iets te doen dat God niet wil hebben.  De zonde belooft altijd wondermooie dingen (genot, rijkdom, populariteit, enz.), maar altijd betalen wij er een te hoge prijs voor.  Als u aan de begeerte toegeeft, wordt ze zonde en als deze u beheerst brengt ze de DOOD (geestelijke) voort.

III. CHRISTUS' OFFER VOOR ONS

A. REDDING ONMOGELIJK ZONDER CHRISTUS' VERGOTEN BLOED
Hebreeën 9:12 en 22
Het is Gods wil en wijsheid dat het offeren van bloed een deel vormt van 's mensen redding.  Zonder het offer is het onmogelijk verlost te worden of vergiffenis te ontvangen.  Christus was dat volmaakte offer tot vergeving van onze zonden.  Hoe dan ook, we moeten gered worden door de reinigende kracht van dat bloed.
Matteus 26:28
Dit is het schriftgedeelte bij de instelling van des Heren Avondmaal.  Christus zei dat Zijn bloed voor velen vergoten moest worden en het doel was omdat de mens GERED zou worden.
Kolossenzen 1:20
Het brandpunt van dit vergoten bloed is het kruis.  Men moet tot het kruis gaan en door Christus' bloed gereinigd worden.

B. DIT IS HET EVANGELIE
1 Korintiërs 15:1-4
De Korintiërs hadden ontvangen, stonden in, waren behouden (gered) door het Evangelie.  Er was een actieve deelname van deze mensen in dit GOEDE NIEUWS.  Het was niet iets dat ze ontvingen in hun harten, zij hadden iets gedaan en waren bezig iets te doen.  Het EVANGELIE, hier door de apostel Paulus omschreven was de DOOD, BEGRAFENIS, OPSTANDING VAN CHRISTUS voor onze zonden.  Wij moeten het Evangelie geloven en gehoorzamen als we gered willen worden.

C. REDDING ALLEEN IN CHRISTUS
2 Timoteus 2:10
De "IN CHRISTUS" verhouding is degene die telt.  De nadruk wordt heden ten dage gelegd op de idee van Christus in u te hebben.  Hoe dan ook in het Nieuwe Testament wordt de nadruk juist andersom gelegd.  De redding is IN CHRISTUS ... Als u in Christus komt, dan zal Hij in u komen.
Hoe kan nu iemand HET EVANGELIE GEHOORZAMEN, vergiffenis van zonden vinden, "in" Christus komen of GERED worden?  Gods plan is het enige dat dient gevolgt te worden.

IV. GODS WEG TEN EEUWIGEN LEVEN

Het is logisch dit gedeelte in drie punten te verdelen : Wat Christus onderrichtte, hoe de Bijbel de boodschap omschrijft, en hoe de eerste discipelen dit onderricht van Christus volgden.  Dit zal ons een goed omschreven overzicht van Gods plan geven.

A. CHRISTUS' ONDERRICHT
        1. NICODEMUS' VRAAG
Johannes 3:3-5
Hier is het OPNIEUW GEBOREN WORDEN-onderricht van Christus.  Christus zegt dat tenzij men iets doet, men het Koninkrijk NIET KAN BINNENGAAN.  Christus legt er de klemtoon op.  Hij toont ons de elementen van de NIEUWE GEBOORTE : Water en Geest.  Christus spreekt tot een mens die reeds lichamelijk geboren werd en deelt hem mede dat, als hij in Christus' Koninkrijk wil zijn, hij opnieuw moet geboren worden uit twee elementen : WATER en GEEST.  In Christus' eigen woorden gaat WATER de GEEST vooraf.  Wat bedoelt Hij daarmee?
        2. DE GROTE OPDRACHT
In Matteus, Marcus en Lucas hebben wij drie reporters die Christus laatste instructies doorgeven.  Dat zijn de marsbevelen voor alle Christenen, te beginnen met de apostelen.  Om juist te begrijpen wat Christus zei, moeten wij alle drie verklaringen ontleden.  Ze moeten ook met elkaar in overeenstemming zijn.  Wij moeten deze harmonie ook goed begrijpen vooraleer wij kunnen doorgaan met Christus' geboden uit te dragen.
Matteus 28:18-20; Marcus 16:15-16 en Lucas 24:46-47
Christus geeft hier geen reeks van onsamenhangende verklaringen.  Dit is één verklaring voor drie verschillende doeleinden medegedeeld.  Van Matteus is het een zich steeds herhalende boodschap : Gaat, onderwijst, doopt en leert hun te gaan en hetzelfde te doen.  Van Marcus is het de boodschap van redding : Gaat, verkondigen, wie geloof en zich laat dopen zal behouden worden.  Van Lucas gaat de boodschap over persoonlijke verandering : bekeert u, en vergiffenis zal u gegeven worden.  In de drie verklaringen is er een zeker patroon gevolgd door de schrijvers.  Dit toont ons aan wat Christus echt zei.  De overzichtskaart zal ons helpen het bevel beter te verstaan.
Wat zei Christus?  Het is ogenblikkelijk klaar te zien.  Vergelijk even de volgende rekenkundige formule :
2 + 2 = 4
U wenst hier te komen tot het gewenste resultaat (4).  Daarom kan u de formule niet willekeurig veranderen.  Iedere geheel getal moet DE GROTE OPDRACHT

OPSOMMING

MATTEUS' VERSLAG MARCUS' VERSLAG  LUCAS' VERSLAG

MATTEUS 28:19
"Gaat dan henen, maakt al de volken tot mijn discipelen en doopt hen in de naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes en leert hen onderhouden al wat Ik u bevolen heb."

GAAT MAKEN    
  GAAT VERKONDIGEN       GEPREDIKT WORDEN 

MARCUS 16:15-16
"En Hij zeide tot hen: Gaat heen in de gehele wereld, verkondigt het evangelie aan de ganse schepping.  Wie gelooft en zich laat dopen, zal behouden worden, maar wie niet gelooft, zal veroordeeld worden."

DISCIPELEN, VOLGELING WORDEN    
  GELOVEN   
    BEKERING

LUCAS 24:47
"En dat in zijn naam moest gepredikt worden bekering tot vergeving der zonden aan alle volken, te beginnen bij Jeruzalem"

DOOPT HEN LATEN DOPEN  
ONDERHOUDEN    
  BEHOUDEN  WORDEN VERGEVING

2 + 2 = 4 — 2 + 3   4 — 2 + 1   4
in de vergelijking moeten alle cijfers aanwezig zijn om het resultaat te behouden.  Verbreekt de formule en u krijgt en verkeerd resultaat:
1 + 2 = 4?     of     2 + 3 = 4?
Zo kan u ook de gewenste resultaten niet verkrijgen, noch verwachten, tenzij u Christus' formule toepast.  Het begeerde resultaat is : REDDING, VERGIFFENIS, OPNIEUW GEBOREN ZIJN, allen synoniem van elkaar.  Dit is Christus' formule, niet de mijne.
ONDERWIJZEN + GELOVEN + BEKEREN + DOOP = REDDING
Kunnen wij deze formule zo maar anders rangschikken en er toch de begeerde resultaten van verwachten?

B. DE FORMULE UITEENGEZET
        1. GELOOF OF VERTROUWEN
                a. GELOOF NADER OMSCHREVEN
Hebreeën 11:1 en 6
't Geloof kan niet van de formule gescheiden worden.  Men kan God niet vinden zonder geloof.  God bestaat en beloont, maar de beloning is alleen voor hen "DIE HEM ZOEKEN."  De hoop op een ongeziene toekomst is altijd gebaseerd op een ACTIEF GELOOF, nooit op GELOOF ALLEEN.
                b. BRON VAN GELOOF
Romeinen 10:17
Er is geen schriftuurlijk gezag voor redding door de Heilige Geest, die recht op het hart werkt, los van het woord.  Uw begrijpen van Christus' boodschap in het Nieuwe Testament, verwekt geloof in uw hart en dit zou in u het verlangen moeten voortbrengen Christus te gehoorzamen in alles.  Dat kunnen we REDDEND GELOOF noemen, omdat het werken ervan gehoorzaamheid voortbrengt.  Dit past in Christus' formule daar geloof is voorafgegaan door onderwijs van de Opdracht.
        2. BEKERING NADER OMSCHREVEN
Het woord "BEKEREN" betekent een totale ommekeer of een verandering van richting.  Dit houdt in dat men de begeerte om naar de oude zondige weg terug te keren, moet verzaken (nalaten).
2 Korintiërs 7:10
De spijt over onze zonden zou ons ertoe moeten brengen te verlangen naar een totale ommekeer.  Deze zal ons tot REDDING leiden.  Iemands verlangen naar de wereld kan hem slechts ten dode leiden.  Deze OMMEKEER veroorzaakt dikwijls een wonderbaar gevoel van opluchting.  Men mag dat dit zeker niet verwaren met het bevrijdend gevoel van REDDING.
Handelingen 17:30
        3. CHRISTUS BELIJDEN
Als iemand geloof hem tot berouw brengt, is de meest logische stap dat hij dan aan iemand anders verteld (zijn onderwijzer).  DIT IS CHRISTUS BELIJDEN.
Matteus 10:32-33
Christus belijdt ons vóór God als wij alleen maar de moed opbrengen Hem vóór de mensen te belijden.  Dit is niet enkel een belijdenis van het hart, het is mondeling.
Romeinen 10:10
Christus belijden is met de redding verbonden als een uitdrukking van ons geloof in Hem.  Belijden alleen redt ons niet, maar de belofte van Hem te dienen die er inbegrepen is. Dit is mondelinge en publieke belijdenis.
        4. DE DOOP
                a. DE DOOP NADER OMSCHREVEN
Dit wordt in onze tijd door heel veel religieuze mensen misverstaan.  Er zijn tenminste drie verschillende voorstellingen van de doop in de hedendaagse religieuze wereld.  Besprenkelen, begieten, onderdompelen (helemaal onder water).  Deze kunnen niet allen juist zijn.
Efeziërs 4:5
De apostel Paulus zegt dat er maar ÉÉN is.  Als we deze éne kunnen vinden, dan sluiten we noodzakelijkerwijs al de andere uit.
Laat ons nu eerst eens de verschillende woorden bestuderen.  BEGIETEN ... komt van het Grieks "EPICHEO" dat betekent "er op gieten."  Het wordt in de Schrift nooit gebruikt in verband met de Doop.  BESPRENKELEN ... komt van het Grieks "RANTIZO" dat betekent "er op sprenkelen." Het wordt eveneens in de Schrift nooit gebruikt in verband met de Doop.  Het Griekse "BAPTIZO" ... betekent in elk verband ondergedompeld worden.  Dit is het woord dat altijd voor de Christelijke Doop wordt gebruikt.  Het bestuderen van de verschillende plaatsen waar gedoopt werd in het Nieuwe Testament, zal ons voldoende uitleggen welke soort Doop door Christus werd bevolen.
Romeinen 6:1-7
Paulus spreekt tot mensen die reeds gedoopt werden.  Hij vergelijkt hun Doop met de dood, begrafenis en opstanding van Christus.  Christus heeft de zonden van de wereld op Zich genomen en is er voor gestorven.  Bij Zijn opstanding werd Hij NIEUW.  De Doop past in hetzelfde tafereel.  Wij zijn vol van zonden en ontvingen nog geen vergiffenis, vóór deze dood.  Met de dood van de zonden en het begraven worden in de Doop, staan wij verniewd op, juist als Christus.  Deze vernieuwing is het die Christus aan Nicodemus trachtte uit te leggen.  Dit symbool van begraven worden komt heel duidelijk tot uiting door de onderdompeling in water.
Kolossenzen 2:12
Hier is onze geloofsdaad het "BEGRAVEN" worden in de DOOP.  Het uit het water opstijgen is het opstandingsdeel waar de verniewing komt.  In andere woorden het opnieuw geboren worden komt alleen door de opstanding uit het watergraf van de DOOP.  Dit is de manier waarop wij in contact komen met Christus' dood, begrafenis en opstanding.  Dit is het Evangelie en als wij de DOOP juist toepassen, dan gehoorzamen wij het Evangelie.  Juist als Christus de mensen niet bevrijdde van hun zonden tot aan Zijn opstanding, zo zijn de mensen die tot Christus komen ook niet vrij totdat zij uit het water zijn opgestaan.  Dit symbool is een rechtstreeks bevel van de Grote Opdracht en Christus wil dat wij dat gehoorzamen.
                b. PUNT VAN REDDING
1 Petrus 3:21
Juist zoals met 't geloof, wordt hier niet gezegd : DE DOOP ALLEEN.  Dit is het hoogtepunt van gehoorzaamheid aan Christus' gebod.  Het is niet het water dat redt, het is de gehoorzaamheid aan Christus door 't geloof, die redt.  De Doop is het contactpunt waar Christus beloofde de zonden te vergeven en de toegang tot Zijn Koninkrijk-Gemeente en ontvangen al de geestelijke zegeningen en OPNIEUW GEBOREN WORDEN.  Van dit contactpunt af, wandelen wij de Christelijke weg van geloof, en leven enkel en alleen om Christus welgevallig te zijn.
Marcus 16:16
Wat komt er eerst in deze tekst?  Redding of Doop?  Dit zijn Christus' eigen woorden.  Mogen wij 't wagen deze rangschikking te veranderen om onze eigen weg te gaan?  De tekst zegt niet : "Hij die gelooft en gered is, zal gedoopt worden als hij het wil." 
Handelingen 2:38 
Waar vinden wij vergiffenis in deze passage, vóór of na de Doop?  Vergiffenis maakt deel uit van de Redding.  De Doop is het contactpunt waar men vergiffenis ontvangt, gered wordt en de Heilige Geest ontvangt.
Handelingen 22:16
Paulus verhaalt hoe hij tot bekering kwam.  Ananias vertelde hem dat hij gedoopt MOEST worden "om zijn zonden af te wassen."  Noteer opnieuw dat het NA zijn Doop was dat zijn ZONDEN WERDEN WEGGEDAAN of dat er REDDING kwam.  Paulus had zelf persoonlijk Christus gezien, toch was hij nog niet gered, er was iets dat hij MOEST doen om zijn geloof te tonen.  Christus zelf vertelde hem dat hij iets MOEST doen.
Handelingen 9:6
Paulus stond vóór de keuze en hij verkoos CHRISTUS TE GEHOORZAMEN.

C. GEHOORZAAM AAN DE FORMULE
Deze studie zal ons helpen te verstaan hoe de mensen in 't begin Christenen werden.  Het is logisch als wij juist kunnen doen wat Christus zei en juist zoals het toen werd gedaan; dat wij zullen GERED ZIJN.
Het boek Handelingen is in werkelijkheid een boek van bekeringen.  We willen nu enkele van deze bekeringen nagaan.
        1. HET PINKSTERGEBEUREN
Wij lazen over hun bekering toen we Handelingen 2:38 lazen.  We zien hier dat wanneer de GROTE OPDRACHT voor 't eerst werd gepredikt, de Gemeente van Christus of Christus' Koninkrijk, ontstond.  Petrus begon op deze gewichtige dag een krachtig sermoen te prediken, de mensen werden verteld ZICH TE BEKEREN EN ZICH TE LATEN DOPEN.  Het doel was TOT VERGEVING van hun zonden.  In werkelijkheid schiep de Doop de Gemeente.  De Gemeente schiep de Doop niet. Wij zien dat waar de GROTE OPDRACHT naar waarheid wordt verkondigd, en gehoorzaamheid het resultaat is : het onstaan van een echte Gemeente van Christus.
        2. PAULUS' BEKERING
Wij bespraken Paulus' bekering reeds tot op zekere hoogte.  Laat ons ook echter vaststellen dat alhoewel hij op een wonderbare manier werd GERED (heel zijn bekering in acht nemende), er toch een evangelist (Ananias) tot hem gezonden werd om hem te ONDERWIJZEN.  Dat was het eerste gedeelte van de Grote Opdracht.  Paulus geloofde en hij werd gedoopt.  Het doel van Paulus' doop was om zijn zonden "af te wassen."  Gelieve op te merken dat Paulus' bekering iets was dat hij zelf MOEST DOEN.  Het was ook zo maar niet een gebeurtenis of ervaring die hem redde.  Het was een ervaring die hem op de rechte weg bracht.
        3. DE SAMARITANEN
Handelingen 8:12-13
Filippus predikte het "EVANGELIE" of "HET GOEDE NIEUWS."  Dit is dan ook de dood, begrafenis en opstanding van Christus tot vergeving van de zonden.  Deze mensen GELOOFDEN, maar dat is niet het einde van de geschiedenis, ze werden GEDOOPT.  Hun werd iets gedaan.  De Heilige Geest viel niet op hen zoals sommigen leren, ze werden in water ondergedompeld door Filippus.  Zelfs Simon, de tovenaar, geloofde en werd gedoopt.
        4. DE ETHIOPISCHE KAMERLING
Handelingen 8:26-39
Hier is nog een ander man die klaarblijkelijk een "ZOEKER NAAR WAARHEID" was en opnieuw zien we dat de Heilige Geest niet rechtstreeks in zijn hart werkte maar dat er in de plaats een evangelist tot hem werd gezonden en juist zoals het bevel van de Grote Opdracht luidde, werd aan de Kamerling het "EVANGELIE" van Christus onderwezen.  De passage zegt niet dat Filippus de Doop onderwees, maar dat de man vroeg om gedoopt te worden.  Hoe zou hij het geweten hebben dat het nodig was, tenzij het GEHOORZAAM volgen van het Evangelie de Doop inhield.  De Kamerling wist ook dat het de WATER DOOP was en niet een of andere mirakuleuze vorm van bekering.  Men moet ook noteren dat Filippus in het water afdaalde en er uit opkwam.  Dit verondersteld ONDERDOMPELING en geen enkele andere manier.  Van toen af ging de Kamerling weg en hij verblijdde zich want hij was GERED.
        5. CORNELIUS
Handelingen 10:34-48
Wij mogen niet vergeten dat deze man de eerste Heiden is die ooit het Evangelie hoorde.  Het werk van de Heilige Geest hier is om de joden te overtuigen (Petrus en zijn mede-Christenen) dat de Heidenen ook konden gered worden.  De bedoeling was de harten van de bevooroordeelde joden te bewerken zodat ze geloofden.  Als dit doel bereikt was, was de Heilige Geest in deze zin nier meer nodig.  Petrus predikte aan hun Jezus' Evangelie en vergeving van zonden door Hem.  Toen Petrus door dit teken te zien, overtuigd was, zei hij dat ze met WATER moeten GEDOOPT worden, en hij beval hen te DOPEN.  Moest de WATERDOOP niet nodig zijn, waarom dan gaf Petrus dat bevel?  Zouden geïnspireerde apostelen onnodige bevelen geven?  Het teken hier was hetzelfde als in Handelingen 2.
Handelingen 11:15-18
Petrus toont dit alleen aan om er op te wijzen dat Heidenen ook door God werden aangenomen.  Het bewijs werd gezien en medegedeeld.  Dit was het begin van de "Heidense" Gemeente.  Dit teken overtuigde de joden dat God het, zonder tegenspraak, zo wilde.
        6. LYDIA
Handelingen 18:14-15
Toen Paulus haar, bij de rivier, onderwees, geloofde ze en werd ze gedoopt.  Zij vereerde God voordien en nu werd ze een Christen.
        7. DE GEVANGENBEWAARDER VAN FILIPPI
Handelingen 16:25-34
Het mirakel deed de gevangenbewarder GELOVEN.  Het redde hem niet.  Hij wilde dan gered worden. Hem werd gevraagd in Christus te geloven en werd hem het woord van de Heer onderwezen.  DATZELFDE UUR VAN DE NACHT, werden hij en zijn familie gedoopt.  Waarom nog hetzelfde uur als het niet dringend nodig was voor hun redding, teneinde de geloofsdaad in de Doop te vervolledigen?  Wij leren ook dat de tijd om gedoopt te worden is als men besluit een Christen te worden en niet te wachten tot de Gemeente samenkomt of totdat er genoeg zijn om met groots vertoon gedoopt te worden.  Het is zeker hartversterkend voor de vergadering er getuige van te zijn maar, de redding is zo belangrijk en, daar de Doop de contactpunt is waar de redding plaats grijpt, moet men iemand dopen van af hij GELOOFT.
        8. DE KORINTIËRS
Handelingen 18:8
Het geloven was gebaseerd op het "horen van Paulus."  In alle gevallen komt eerst het onderricht voor het geloof en de Doop.  De Heilige Geest inspireerde de apostelen slechts een boodschap te onderwijzen en dat de gehoorzaamheid aan deze grote boodschap Christenen zou voortbrengen en waar er nog geen Gemeente was zou zo onmiddellijk een Gemeente van Christus ontstaan.
        9. OVERZICHT VAN VERSCHILLENDE BEKERINGEN
Kijk naar de overzichtskaart van deze bekeringen.  U ziet dat de gemene noemer geloof en Doop was en dat deze altijd optraden VÓÓR de redding.  We zien ook dat deze mensen Christus' plan tot in de puntjes volgden.  In elk van de aangehaalde gevallen was de Doop de climax.  Het is goed te noteren dat de Doop geen ceremonie van de Gemeente was.  Iedereen werd onmiddellijk gedoopt, waar hij geloofde.  Er was helemaal geen wachttijd voorzien.  Het staat ook vast dat deze mensen geen kinderen waren, maar allen bekwaam waren te GELOVEN, zich te BEKEREN, CHRISTUS BELIJDEN vooraleer ze GEDOOPT wilden worden.  Zij hebben allen hun eigen beslissingen gemaakt.  Zij die zo de Heer gehoorzaamde, VORMDEN DE GEMEENTE.

OVERZICHTSKAART VAN BEKERINGEN


    

PERSONEN LEER GELOOF  BEKEREN DOPEN GERED
PINKSTEREN Hand. 2 16-36 37 38 38 38 en 41
SAMARIA Hand. 8 4 12 - 12 -
KAMERLING Hand. 8 35 36-37 - 38-39 39
PAULUS Hand. 9 & 22 9:6 - - 9:18 -
CORNELIUS Hand. 10 36 - - 47-48 -
LYDIA Hand. 16 13 14 - 15 -
CIPIER Hand. 16 32 - 31 33 31
KORINTIERS Hand. 18 8 8 - 8 -


GODS WEG VOOR HET EEUWIGE LEVEN

OEFENINGEN

A. VRAGEN OVER DE INHOUD :
1. Noem de 4 bewijzen op waar de zonde voorkomt.



2. Wat is het resultaat van de zonde?


3. Wat is de centrale boodschap van het Evangelie?



4. Met wat worde de doop vergelijken?



5. Wanneer wordt de zonden van iemand vergeven?


B. WAAR OF VALS?
[Zet 'W' (waar) of 'V' (vals) bij het geschikte antwoord.]

_____  1. Het Nieuwe Testament is de enige maatstaf voor onze leer.
_____  2. Het is goed mensen te dopen die niet geloven en Christus niet belijden.
_____  3. We erfden de schuld van Adams zonde niet.
_____  4. God voegt ons automatisch toe bij de Gemeente van Zijn Zoon, nadat wij werden ondergedompeld.
_____  5. Het geloof is een speciaal gevoel dat in uw hart opkomt.

C. ONDERSTREEP HET JUISTE ANTWOORD :
1. Wanneer wordt men Christen?
a. Als God Zijn Geest zend om iemand te bekeren.
b. Als men hun Heer gehoorzaamt in de doop.
c. Als men Jezus als hun persoonlijke Redder belijdt.
d. Als men alleen gelovig wordt.

2. Waar vinden wij redding?
a. Alleen in Christus.
b. In geloof alleen.
c.  Alleen door werken.
d. Het is een speciale gave.

3. Hoe kwam het Nieuwe Testament tot ons?
a. De gemeente gaf het ons.
b. Een groep brave mensen schreef het.
c. Het werd door God geïnspireerd, en Hij gebruikte de apostelen om het aan ons te geven.
d. De geleerden ontdekten het in oude ruïnen.

4. Wat zal de standaard zijn waarmede wij op de laatste dag zullen geoordeeld worden?
a. Jezus' woord.
b. Onze goede werken.
c. De Gemeente.
d. Ons geweten.

5. Wat erfden wij van Adam?
a. Zijn zonde.
b. Zijn lichamelijke natuur.
c. Niets.
d. Aan niets schuldig zijn.

D. SPECIALE VRAGEN VOOR U :
1. Geloof u dat Jezus de Zoon van God is?
2. Voelt u spijt over uw zonden en hen niet meer doen?
3. Wilt u in Christus gedoopt worden tot vergeving van uw zonden en om bij de Gemeente van Christus toegevoegd te worden?


    


Vorige