In
deze les:
I
De gemeente in Gods plan en in profetie.
II
De gemeente
in voorbereiding.
III De gemeente (koninkrijk) werd gesticht in Jeruzalem op pinksteren.
IV De gemeente werd gesticht op pinksteren.
De gemeente speelt een belangrijke rol in God's plan voor de behoudenis van
de mensen. Het juist begrijpen van hoe de eerste christenen de gemeente
begrepen zal ons helpen om vele valse leringen over de gemeente te kunnen
weerleggen.
Wanneer is de gemeente gesticht, waar is de gemeente gesticht en wat zijn de
pilaren van de gemeente?
I
De gemeente in Gods plan en in profetie.
A
De gemeente was een onderdeel van Gods eeuwige voornemen (Efeziërs
3:10-11).
B Jesaja profeteerde: "dan
zal de berg van het huis des Heren vaststaan als de hoogste der bergen"
(Jesaja 2:2-3).
Tijd: ongeveer 725 v Ch, in
het assyrische tijdperk van de wereldgeschiedenis.
1. Tijd van
stichting: in het laatste der dagen
2. Wat zou er
worden gesticht? de berg van het huis des Heren.
3. Op welke
plaats? Zion, Jeruzalem.
4. Voor wie
was de zegen? voor alle volkeren, vele natiën.
5. Zie ook Micha
4:1-2 voor een vergelijking.
C Daniël
profeteerde over oprichting van een koninkrijk dat nooit zou worden vernietigd (Daniël
2:44).
Tijd: ongeveer 600 v Ch, in
het babylonische tijdperk van de wereldgeschiedenis.
1.
Nebukadnessar, de koning van Babylon droomde een droom (Daniël
2). Daniël openbaarde zowel de droom als de verklaring ervan aan de
koning.
a) God verandert tijden en stonden,verwijdert koningen en stelt koningen aan (Daniël
2:21).
b) God laat aan Nebukadnessar zien wat er zal gebeuren in de laatste dagen (Daniël
2:28).
2. De
droom en de interpretatie (Daniël 2:31-45).
a) Het beeld (vs 31-32) Hoofd = goud; borst en
armen = zilver; buik en lendenen = koper; benen = ijzer; voeten = deels ijzer,
deels leem.
b) De verklaring (vs 36-45). De delen van het beeld
zijn verschillende koninkrijken, te beginnen met dat van Nebukadnessar, de
koning van Babylon, het hoofd van goud (2:38).
Van seculiere geschiedenis leren we het volgende:
| Hoofd van goud | Babylonische rijk | 626 tot 539 v Ch |
| Borst van zilver | Medo-Perzische rijk | 539 tot 331 v Ch |
| Buik en lendenen van koper | Griekse rijk | 331 v Ch tot (juiste datum is niet zeker) |
| Benen van ijzer | Romeinse rijk | 63 v Ch tot 500 n Ch |
3. Daniël 2:44 geeft de tijd weer wanneer het
koninkrijk dat nooit zou worden vernietigd, zou worden gesticht.
a) Tijd: "in de dagen van die koningen".
In het NT wordt dit begrepen als de dagen van het Romeinse Rijk. Jezus was in
die dagen geboren (Lukas 2:1-2). Johannes de doper begon zijn werk in die dagen
(Lukas 3:1-3). Jezus begon zijn publieke optreden
in die dagen (Markus 1:14-15).
b) Daniël is de enige profeet die de juiste tijd weergeeft van de oprichting
van het koninkrijk, nl "in de dagen van die koningen".
Wanneer Jezus Zijn werk begon in de dagen van het Romeinse Rijk, zei Hij: "De
tijd is vervuld, het Koninkrijk van God is nabijgekomen" (Markus
1:15).
II De gemeente in voorbereiding.
A
Johannes de doper predikte dat "het
koninkrijk Gods is nabijgekomen" (Matteus
3:1-2).
Tijd: ongeveer 26 v Ch. De
term " is nabij" betekent dat het koninkrijk te verwachten was in de
nabije toekomst.
1. Johannes
werd later gevangen genomen en onthoofd (Matteus
14:1-12).
2. Het
koninkrijk was niet opgericht tijdens het leven van Johannes de Doper.
B Jezus predikte dat "het
koninkrijk nabij is". (Markus
1:14-15).
1. Hij leerde
Zijn discipelen om te bidden voor het komende koninkrijk (Matteus
6:9-10).
2. Hij zond
Zijn 12 apostelen uit om te verkondigen dat "het
koninkrijk der hemelen is nabijgekomen"
(Matteus 10:7).
3. Hij zond
de 70 discipelen om te prediken dat "het
koninkrijk Gods nabijgekomen is" (Lukas
10:10-11).
C Jezus
beloofde om de gemeente te bouwen (Matteus 16:13-20).
1. De
gemeente was nog niet gesticht op dit moment!
2. De
belofte: "op deze rots zal Ik mijn gemeente bouwen"
(Matteus 16:18). De rots was niet Petrus, maar de
beleden waarheid dat Jezus is "de Christus, de Zoon
van de levende God" (Matteus 16:16)
3. De
gemeente is het koninkrijk.
a) Jezus zei "Ik zal mijn gemeente bouwen"
(Matteus 16:18) en "Ik
zal u de sleutels geven van het Koninkrijk der hemelen" (Matteus
16:19).
b) Het Koninkrijk zou komen tijdens het leven van de discipelen (Matteus
16:28, Markus 9:1).
c) De gemeente en het Koninkrijk bestaan uit dezelfde groep mensen. Christenen
zijn mensen die gekocht zijn door het bloed van Christus (1
Petrus 1:18-19). De gemeente is verworven met het bloed van Jezus (Handelingen
20:28),
en het koninkrijk bestaat op dezelfde wijze uit diegene die gekocht zijn door
het bloed van Christus (Openbaring 5:9-10).
Iedereen die gekocht is met het bloed van Jezus is een lid van de gemeente en
een burger van het koninkrijk.
D Het koninkrijk/ de gemeente was niet gesticht
tijdens het publieke optreden van Jezus.
1. Wanneer
Jezus het Pascha herdacht en de tafel des Heren instelde, op de avond dat Hij
werd overgeleverd, zei Hij dat Hij "van nu aan de
vrucht van de wijnstok niet meer zal drinken voordat het Koninkrijk Gods gekomen
is" (Lukas 22:18).
a) Deze passage in Lukas 22
laat ons ook zien dat het koninkrijk de gemeente is. De vrucht van de wijnstok
zou in het Koninkrijk worden gedronken (Lukas 22:18).
De tafel des Heren wordt genomen in de gemeente (1
Korintiërs 11:17-34).
b) Het laat ook zien dat het koninkrijk niet nog moet komen in onze tijd. Want
de tafel des Heren is ingesteld totdat Jezus terugkomt (1
Korintiërs 11:26).
2. Jezus
beloofde de apostelen hen het Koninkrijk te beschikken. Ze zouden eten en
drinken aan Zijn tafel in Zijn Koninkrijk. (Lukas
22:29-30).
III
De gemeente (koninkrijk) werd gesticht in Jeruzalem op pinksteren.
A Jezus leerde dat het koninkrijk zou komen tijdens
het leven van zijn discipelen (Matteus
16:28). In Markus
9:1 voegde Hij eraan toe dat het
koninkrijk zou "komen met kracht".
1. Voordat
Jezus ten hemel voer, gebood Hij Zijn elf apostelen om te wachten in Jeruzalem
"totdat gij met kracht wordt bekleed
uit den hoge" (Lucas
24:44-49; Handelingen 1:6-8).
2. De komst
van de Heilige Geest zou deze kracht brengen (Handelingen
1:6-8).
B De Heilige Geest kwam op pinksterdag (Handelingen
2:1-4).
Tijd: ongeveer 30 n Ch.
1. Pinksteren
was een jaarlijks feest voor de Joden. Het werd 50 dagen na het Pascha gevierd
en viel op de eerste dag van de week (Leviticus
23:16).
2. De Heilige
Geest gaf de apostelen de gave om in andere talen te spreken (Handelingen
2:4, 33). Het Koninkrijk kwam met kracht.
C De
gemeente werd gesticht op pinksteren.
1. Dit was
het begin van "de laatste dagen"
waarvan de profeten hebben gesproken (Joël
2:28-32; Handelingen 2:16-17).
2. Toen de
pinksterdag begon bestond de gemeente nog niet. Nadat 3000 zielen het evangelie
gehoorzaamden, werden anderen dagelijks tot de gemeente toegevoegd (Handelingen
2:47).
IV De gemeente werd gesticht op pinksteren.
A
Pinksteren was het begin (Handelingen
11:15) Het was het begin van:
1. Het koninkrijk (Markus 9:1; Lukas
24:49; Handelingen 1:8, 2:1-4).
2. Het regeren van Christus (Handelingen 2:34-35; 1 Korintiërs
15:24-25).
3. De laatste dagen (Handelingen
2:17; Hebreën 1:2).
4. De eerste evangelie prediking (1
Korintiërs 15:1-5; Handelingen 2:23, 32). Het evangelie bestaat uit de dood,
het begraven, de opstanding en de verschijningen van Christus.
B De
heiligen in de gemeente van Kolosse waren overgebracht in het koninkrijk van
Christus (Kolossenzen 1:13).
Tijd: ongeveer 62 n Ch.
Deze passage toont overduidelijk aan
dat Jezus Koninkrijk niet nog moet komen, maar al bestaat!
C Het koninkrijk wordt omschreven als
"onwankelbaar" (Hebreën
12:28).
Tijd: ongeveer 68 n Ch.
Dit moet het koninkrijk zijn waarvan
gesproken wordt in Daniël 2:44 dat nooit zou worden vernietigd.
D In zijn schrijven aan de zeven gemeente te Azië
noemt Johannes zichzelf hun broeder "in de verdrukking en in het koninkrijk
en de volharding van Jezus" (Openbaring 1:4, 9).
Tijd: ongeveer 96 n Ch.
Het koninkrijk was een realiteit in
de eerste eeuw na Christus.
Conclusie
1.
De profeten van het OT hadden het over de gemeente als zij spraken over het
oprichten van het koninkrijk.
2. We hebben gezien dat de gemeente voldoet aan de profetiën van het OT.
3. Hieruit kunnen we ook concluderen dat de leer van het komende duizendjarige
rijk dat Jezus zou regeren op aarde vals is.
De
gemeente: plan, profetie, voorbereiding en stichting |
||||
| Eeuwige voornemen Efeziërs 3:10-11 |
→ |
30 n Ch Het begin (Handelingen 11:15) Handelingen 2 |
← |
De gemeente (koninkrijk) bestaat |
| 725 v Ch Jesaja 2:1-4 |
Pinksteren Handelingen 2:1-2:47 Lukas 24:44-49 Handelingen 1:6-8 |
62 n Ch Kolossenzen 1:13 |
||
| 600 v Ch Daniël 2 |
68 n Ch Hebreën 12:28 |
|||
| 26-30 n Ch Matteus 3:1-2 Markus 1:14-15 Matteus 6:9-10 Markus 9:1 Lukas 10:9-10 Lukas 22:18 |
De gemeente gesticht in Jeruzalem | 96 n Ch Openbaring 1:9
|
||