|
Was de doop in de Heilige Geest enkel
voor de apostelen, of ook voor nog anderen, of voor alle christenen van
alle tijden?
De reden waarom dit onderwerp moeilijk te verstaan is voor velen, is
omdat de bijbel ons leert dat er bepaalde maten (hoeveelheid) zijn
waarin de Geest is gegeven.
Johannes 3:34 (SVV) Want Dien God gezonden heeft, Die spreekt de woorden Gods; want God geeft Hem den Geest niet met mate.35
De Vader heeft den Zoon lief, en heeft alle dingen in Zijn hand gegeven.
Jezus ontving ALLE kracht van de Geest van God, niets slechts een
deel van die kracht.
Dan zien we dat Jezus zijn apostelen de kracht gaf om boze geesten uit
te drijven en zieken te genezen.
Lukas 9:1 Toen riep Hij de twaalven samen en gaf hun macht en gezag over alle boze geesten en om ziekten te genezen.2 En Hij zond hen uit om het Koninkrijk Gods te verkondigen en genezingen te doen,
Na Jezus' opstanding zien we dat Hij de Geest aan de apostelen geeft.
Johannes 20:22 En na dit gezegd te hebben, blies Hij op hen en zeide tot hen: Ontvangt de Heilige Geest.
Toch waren ze op dat moment, en ervoor nog niet gedoopt in de
Heilige Geest. Jezus had de twaalf geboden om te wachten op de doop in
de Heilige Geest in Jeruzalem. (Handelingen 1:4-5).
Deze doop gebeurde op pinksteren en dat kan je lezen in Handelingen
2.
De enigen die ook werden gedoopt in de Heilige Geest, waren het
huisgezin van Cornelius. (Handelingen 10,11,
in het bijzonder vers 10:44-48; 11:13-18).
De reden hiervoor was omdat Cornelius
de eerste bekeerling uit de heidenen was, zij waren de eerste
heidenen die het evangelie ontvingen. Merk op dat Petrus in
11:15 het volgende zegt: "En toen ik begonnen was te spreken, viel de Heilige Geest op hen, evenals in het begin ook op ons.".
Hij zegt niet, zoals velen vandaag beweren: "De Heilige Geest viel
op Cornelius en de zijnen zoals het bij alle christenen gebeurt sinds
het bij ons gebeurde op pinksterdag". Nee, hij zegt: "evenals in het begin ook op ons."
De reden waarom de apostelen de doop in de Geest hadden ontvangen was om
hen alle macht te geven die nodig was om hun opdracht te vervullen. (Johannes
14:26; 16:13). De doop in de Heilige Geest gaf hun de kracht om
wonderen te verrichten zodat de mensen konden zien dat zij door God
waren gezonden en de Geest gaf hen de woorden om te prediken en te
schrijven. Zij hadden ook de macht om anderen door handoplegging de
gaven van de Geest te geven. (Handelingen 8:14-18).
Deze gaven zijn vermeld in 1 Korintiërs 12:8-10.
Niet alle christenen hadden deze gaven en zij die ze hadden, hadden
verschillende gaven. De één kon in tongen spreken, de ander kon
profeteren, ... .
Vandaag kennen we maar één doop. (Efeziërs
4:4-6) Deze doop is de waterdoop. De doop in de Heilige Geest is
gegeven aan de 12 apostelen en aan het huisgezin van Cornelius.
Wanneer iemand wordt gedoopt tot vergeving van zonden, ontvangt hij de
gave van de Geest (Handelingen 2:38). Dit
is niet de doop in de Heilige Geest. Meer hierover in de
Heilige Geest deel 6.
Vorige
|